Solidare-it

WAT IS HET?

Solidare-it is een webplatform dat deze zomer gelanceerd wordt. Het wordt een slimme zoekertjessite voor solidariteit. Je zult er niets kunnen kopen of verkopen, wel hulp kunnen vragen en aanbieden. Door de software kunnen vraag en aanbod elkaar vinden.

HOE KOMEN ZE EROP?

De Brusselse ingenieur Jan Janssen (35) nam het initiatief en bezielt Solidare-it vandaag met acht andere vrijwilligers. Janssen woont ‘solidair samen’: hij betrok een kraakpand, maakte het bewoonbaar en deelt het met enkele vluchtelingenfamilies. ‘Voor allerlei zaken kunnen ze hulp gebruiken: ze hebben te weinig kleren, ze krijgen hun administratie niet alleen voor elkaar, soms hebben ze medicijnen nodig... Wij gaan dan voor hen op zoek naar mensen in de buurt die kunnen helpen, en het valt ons op dat we ook altijd iemand vinden die met plezier in de bres springt. Alleen steken we veel tijd in het zoeken naar wie pakweg nog een kinderjas heeft liggen, of wie even tijd heeft voor een klus. Dat moet efficiënter kunnen, dachten we, en we begonnen aan de ontwikkeling van een webplatform. We kregen daarbij gelukkig de hulp van een jaar IT-studenten van de UCL (Louvain-La Neuve).’

Solidare-it was Radicale Vernieuwer 2015!

WAAROM ZOU JE ERIN GELOVEN?

Solidare-it zit nog in de testfase, de lancering is in september gepland. Maar het kon al aardig wat enthousiasme losmaken. ‘We hebben 10.000 euro opgehaald via crowdfunding. Daarmee betalen we nu de verdere ontwikkeling van de software. We hebben ook al goede respons van sociale organisaties hier in Brussel. Die spelen een cruciale rol. Het is heel belangrijk dat Solidare-it voor iederéén is: voor de vader die een babysit zoekt, voor de bejaarde die met plezier je hond uitlaat, voor de vluchtelingenfamilie die meubels nodig heeft. Omdat we beseffen dat niet iedereen voldoende internettoegang heeft, rekenen we erop dat bijvoorbeeld ook buurthuizen Solidare-it gebruiken in naam van de mensen met wie ze werken. Daar bestaat zeker enthousiasme voor. Sociale organisaties worden vaak geconfronteerd met hulpvragen waarvoor ze zelf geen tijd hebben, maar waarvan ze vermoeden dat íémand in de buurt er wel op zou kunnen ingaan.’

DACHT NIEMAND HIER EERDER AAN?

‘In Amerika heb je al wel Taskrabbit, een website waar je mensen kunt zoeken die bereid zijn om klussen voor je te doen. Maar dat gaat om klussen tegen betaling, en er zit een privé-bedrijf achter. Bij ons is het idee dat je het doet uit louter solidariteit.’ In die zin lijkt het wat op de freecycle-groepen op Facebook. ‘Maar die werken niet efficiënt: iedereen stuurt zijn vraag of aanbod naar iedereen, er wordt niet gematcht.’ Solidare-it valt misschien ook te vergelijken met de stedelijke Lets-groepen, waar mensen diensten en dingen uitwisselen in ruil voor ‘handjes’, een alternatieve munt. ‘Maar wij willen een open platform zijn en vooral geen club waar je eerst lid van moet worden. En we vermijden het muntsysteem. We willen dat je hulp kunt vragen zonder dat je daardoor schuld maakt.’

‘Wij denken dat mensen niet per se voor alles beloond willen worden. Ik vergelijk het graag met liften. Dat heb ik vroeger veel gedaan, en ik heb geweldige herinneringen aan de ontmoetingen. Ik was mijn chauffeur dankbaar en deed mijn best om goed gezelschap te zijn, de chauffeur zelf was vaak nieuwsgierig en blij dat hij me kon helpen. Tegenwoordig heb je daar betalende formules voor, zoals Blablacar.com. Alles is tot in de puntjes geregeld: waar en wanneer je wordt opgepikt, hoeveel je per kilometer betaalt. Mensen doen het nu voor het geld, niet voor het gesprek of de uitwisseling. Ze beschouwen het als een dienst. Terwijl het evengoed in ons zit om gewoon graag te helpen.’

Tekst: Dorien Knockaert, De Standaard 
Beeld: Fred Debrock