Rescoop

Rescoop is de publiekswinnaar van de Radicale Vernieuwers 2015! 

WAT IS HET?

Een rescoop is een groep burgers die samenwerkt om over te schakelen op hernieuwbare energiebronnen en om hun dagelijkse energieverbruik duurzamer te maken. Het woord komt van renewable energy sources cooperative. Rescoops kunnen zich bezighouden met pakweg dakisolatie en ledverlichting, maar nemen ook hun energieproductie in de hand. Alle Vlaamse rescoops samen hebben intussen 23 grote windmolens (deels in aanbouw), 3 watermolens en meer dan 350 installaties voor zonnepanelen.

HOE KOMEN ZE EROP?

‘Telkens wanneer zich een noodsituatie voordoet, zijn er burgers die niet bij de pakken blijven zitten. Veel van de jongste coöperaties werden opgericht na de kernramp in Fukushima’, vertelt Dirk Vansintjan, voorzitter van Rescoop.eu, de federatie die in Brussel de belangen behartigt van alle Europese duurzame-energiecoöperaties. ‘Het principe bestaat al bijna zo lang als er elektriciteitsnetten bestaan, maar vandaag kunnen burgers meer dan ooit het heft in handen nemen,’ schetst Vansintjan, ‘dankzij de nieuwe technologieën, en omdat de installaties om hernieuwbare energie te produceren – zonnepanelen, windmolens – relatief betaalbaar zijn.’

Vansintjan was zelf in 1991 een van de oprichters van Ecopower, een coöperatie die intussen 43.000 huishoudens van stroom voorziet en bijna 50.000 leden heeft. ‘We hadden de watermolen van Rotselaar verbouwd tot een cohousingproject avant la lettre, en brachten de oude waterturbine die in de molen zat, weer aan de praat. De kernramp van Tsjernobyl lag vers in het geheugen, en we wilden zelf iets positiefs doen in plaats van alleen maar te betogen tegen kernenergie. Zo begon het. En zo beginnen energiecoöperaties vaak klein. Met bijvoorbeeld een groepje dorpsgenoten dat zonnepanelen op de plaatselijke school wil leggen. Dat lukt, en het smaakt naar meer. Want het doet mensen voelen dat ze samen wel degelijk de macht hebben om het systeem te veranderen.’

WAAROM WERKT HET?

De kracht van de rescoops zit ’m in het aardbeimodel, zegt Vansintjan. ‘Eén aardbeiplant kan niet het hele bos bedekken, maar zij krijgt wel uitlopers, en die krijgen op hun beurt weer uitlopers. En dat is wat we met onze federatie willen doen: samen het ene na het andere nieuwe initiatief ondersteunen. Kleine lokale initiatieven zijn belangrijk, omdat ze vaak best door de bevolking gedragen worden.’ Niet onbelangrijk als het gaat over de bouw van windmolens. ‘Een wat grotere speler als Ecopower kan er wel bekomen dat niet elke lokale coöperatie haar eigen ingenieur moet aanwerven; die expertise hebben we in huis en delen we graag.’

HET BLIJFT SPANNEND

Want als rescoops echt een verschil willen maken, dan moeten ze in toenemende mate de installaties verwerven die energie produceren. ‘Voor België zijn windmolens belangrijk, en de wind is van iedereen, vinden wij. Maar in de praktijk is de Belgische wind geprivatiseerd. Hij is eigendom van wie toevallig een stuk grond heeft dat geschikt is om een molen op te plaatsen. Die krijgt er geld voor. Zijn buur kan dat dan niet meer. In plaats van een louter financieel opbod, willen wij een overheidsbeleid dat het voor burgercoöperaties mogelijk maakt om windmolens te bouwen. Want dan komt de overschakeling op hernieuwbare energie de burgers echt ten goede. Dan genieten ze er mee van, in plaats van er alleen maar voor te betalen.’

KAN IK MEEDOEN?

Jawel, dat is het hele idee. ‘We moeten af van de misvatting dat we buiten onze werkuren alleen maar domme consumenten zijn die niets kunnen ondernemen’, zegt Vansintjan. ‘Een ingenieur is thuis nog altijd een ingenieur, en als hij of zij gaat samenzitten met een accountant uit dezelfde gemeente, en een milieuactivist, en een boer, dan kunnen ze al een rescoop opstarten die prima in staat is om koers te zetten naar een duurzame lokale energiemarkt.’

Tekst: Dorien Knockaert, De Standaard 
Beeld: Fred Debrock