BIGH

Het is goed boeren op het stadsdak

In Brussel wordt op het dak van de Anderlechtse slachthuizen de grootste dakboerderij van Europa gebouwd. Deze stadslandbouw kan een game changer worden in hoe we omgaan met onze voedselproductie.

We staan op het dak van de Foodmet, de overdekte markt bij het Abattoir in Anderlecht. Onder de weldadige lentezon groeien voor onze voeten prille scheuten van sla, erwten, bonen en tomaten. Over enkele weken wordt op het zinderend hete dak begonnen met de bouw van reusachtige serres, waar groenten, fruit, kruiden én vissen gekweekt zullen worden. Vissen op een dak? Dat kan, met de technologie van aquaponics, een gesloten systeem van aquacultuur waarbij afval en water van de vissen worden gebruikt voor de gewassen, en omgekeerd.

Het uitzicht over Brussel is adembenemend, het vooruitzicht op wat hier te gebeuren staat eveneens. ‘Tegen het einde van het jaar is de site operationeel’, zeggen Steven Beckers en Noémie Benoit, twee van de zes bezielers van het project. ‘Dan hebben we hier met 4.000 m2 de grootste dakboerderij van Europa.’

Dakvisrestaurant

Opmerkelijk: dit verhaal start vanuit het gebouw – Steven Beckers heeft niet toevallig 32 jaar als architect op de teller. ‘We recupereren de restwarmte van het gebouw én de CO2 die vrijkomt uit het verwarmingssysteem. Zo fungeren we als een grote koeltoren. De warmte gebruiken we voor onze serres, de CO2 voor de bemesting van onze planten. In feite is dit gewoon een heel slimme manier om CO2 te managen.’

Ook op de dakboerderij zelf worden kringlopen gesloten. Zoals tussen het water en de afvalstoffen van de vissen en de gewassen. BIGH werkt daarvoor samen met ECF Farmsystems, dat aquaponicsboerderijen bouwde in Zwitserland en Berlijn. Het water komt van de daken van de serres en uit een waterput, zodat geen stadswater nodig is. Er zit ook een luik van lokale sociale tewerkstelling aan, waarvoor BIGH samenwerkt met Atelier Groot Eiland.

Een deel van de oogst zal meteen verwerkt worden in het dak(vis)restaurant dat hier op termijn de deuren opent. ‘De rest gaat naar andere restaurants, gespecialiseerde winkels en supermarkten in de buurt’, zegt Noémie Benoit, experte in urban farming. ‘Het blijft landbouw van de korte keten. Wij willen niet concurreren met de industriële landbouw – dat kan ook niet. Wel zijn we complementair, omdat we snel kunnen leveren. Van de boerderij dezelfde dag nog op het bord. Omdat we op kleinere schaal produceren, kunnen we ook gewassen leveren die voor grote landbouwbedrijven niet interessant zijn, maar waar winkels en restaurants wel naar op zoek zijn.’

Groeten uit Parijs

Het is dus niet de bedoeling om op termijn onze steden van voedsel te voorzien met dakboerderijen? Steven Beckers denkt na. ‘Dat idee is niet echt utopisch. In Parijs werd een tijd geleden een wet goedgekeurd gestemd die voorschrijft dat tegen 2020 de helft van het voedsel dat geserveerd wordt in openbare gebouwen als scholen of ziekenhuizen in en rond de stad geteeld moet zijn. We gaan onmiskenbaar de richting uit van korte ketens. Het circulaire denken wint razendsnel terrein. Dat moet ook, wat zullen we anders doen met al die gebouwen, hun warmte en hun CO2? Hoe zullen we anders die klimaatdoelen halen? Dit verhaal zal een deel van de oplossing zijn.’

Het is een radicaal andere manier om naar onze voedselproductie te kijken, vindt Beckers. ‘De stad is niet langer alleen afzetmarkt en vervuiler, maar kan op een duurzame manier in haar eigen noden voorzien.’

Daarom, zegt Noémie Benoit, heeft dit proefproject ook een educatieve waarde. ‘Het is een showcase. Voor scholen en burgers. Maar ook voor eigenaars van grote gebouwen, energieleveranciers, mensen die aan urban farming willen doen. Van overal in Europa komen ze inspiratie opdoen. We gaan mensen opleiden hier.’

‘Het idee is bij mij trouwens ontstaan door te reizen in China’, pikt Beckers in. ‘Het voedsel geraakt er door de files de stad niet meer in. Je moet wel gaan oogsten in de stad. Tegelijk zit je met het probleem dat water, grond én lucht er vervuild zijn. Waar kweek je dan je vissen en gewassen? In serres!’

Shoppingcentra

Deze dakboerderij is meer dan wat schoffelen in de dakmoestuin. ‘Hier gaan grote investeringen mee gepaard’, zegt Beckers. ‘Ruim 20 miljoen euro in de komende vijf jaar. Daarmee zullen boerderijen worden opgezet op daken in alle grote Belgische steden. En daarbuiten.’ Denk aan shoppingcentra of grote bedrijven.

BIGH gaat ook projecten opzetten in andere Europese landen. Het kapitaal daarvoor komt van eigen middelen en enkele grote publieke en private investeerders. ‘Geen subsidies’, zegt Beckers. ‘En zodra de boerderij draait, zijn we zelfbedruipend. Dat was essentieel in het businessplan: het moet zowel ecologisch, sociaal als economisch duurzaam zijn.’

Tekst: Ine Renson, De Standaard
Foto: Fred Debrock